Afgelopen dagen ging de baars en snoekbaars in Amsterdam op slot. Niet een beetje, maar volledig. Juist in de ochtenduren waren de vissen niet tot aanbijten te verleiden.
Afgelopen dagen ging de baars en snoekbaars in Amsterdam op slot. Niet een beetje, maar volledig. Juist in de ochtenduren waren de vissen niet tot aanbijten te verleiden.
Er zijn weinig kleurstellingen in de wereld van kunstaasvissen zo tijdloos populair en effectief als de legendarische ‘fire tiger’. Deze opvallende combinatie van een groene rug, chartreuse flanken en een helder oranje buikje vormt een patroon dat generaties vissers heeft overtuigd.
Weiterlesen: Waarom snoekbaars gek is op FiretigerOm het geheel af te maken zit er vaak ook nog een contrastrijke zwarte tijgerprint op het ruggedeelte. Vooral roofvissen zoals snoek en snoekbaars lijken werkelijk verzot op dit kleurpatroon, maar de vraag die iedere visser zich vroeg of laat stelt is: waarom eigenlijk? Wat maakt deze specifieke combinatie van kleuren zo onweerstaanbaar voor deze predatoren?
Tijdens mijn uitgebreide onderzoek voor mijn boek over roofvisvissen stuitte ik op wetenschappelijk onderzoek dat het mysterie eindelijk ontrafelde. Wat ik ontdekte was zo logisch en overtuigend dat ineens alle puzzelstukjes op hun plaats vielen. Het verklaart niet alleen waarom fire tiger zo succesvol is, maar geeft ook inzicht in hoe we als vissers slimmer kunnen omgaan met kleurkeuze in verschillende visomstandigheden.
Onderzoekers van de gerenommeerde Universiteit van Wisconsin hebben uitgebreid onderzoek gedaan naar de zichtbaarheid van verschillende kleuren onder water. Ze testten systematisch hoe kleuren zich gedragen in zowel helder als troebel water – een cruciaal onderscheid dat het verschil kan maken tussen een succesvolle en een teleurstellende visdag. De resultaten van hun onderzoek waren verrassend en bieden waardevolle inzichten voor iedere roofvisser.
Wat bleek uit het onderzoek? In troebel water, zoals we dat regelmatig aantreffen in Nederlandse wateren, verdwijnen sommige kleuren verbazingwekkend snel uit het zicht. Blauw is al na een paar decimeter praktisch onzichtbaar voor vissen. Deze kleur absorbeert of verliest zijn helderheid zo snel dat hij vrijwel meteen opgaat in de troebele omgeving. Rood presteert ook teleurstellend: op slechts twee meter diepte is deze warme kleur al niet meer herkenbaar voor roofvissen. Dit verklaart waarom veel traditionele rode kunstazen vaak minder effectief zijn in dieper of troebel water.
Maar hier komt het interessante deel: groen en geel gedragen zich compleet anders. Deze kleuren blijven ook nog op een diepte van vier meter goed zichtbaar en herkenbaar – significant dieper en beter dan welke andere kleur dan ook. Deze kleuren penetreren het water beter en behouden hun contrast met de omgeving, zelfs wanneer het doorzicht beperkt is. Voor roofvissen die jagen op zicht betekent dit dat azen in deze kleuren veel langer en vanaf grotere afstanden waarneembaar blijven.
De bevindingen van het Wisconsin-onderzoek verklaren in één klap het jarenlange succes van ‘chartreuse’, een levendige kleur die precies tussen groen en geel in zit. Deze fluorescerende geelgroene tint combineert het beste van beide werelden en maximaliseert daarmee de zichtbaarheid onder de meest uitdagende omstandigheden. Juist in troebel water – denk aan rivieren na regenval, ondiepe polderwateren met veel algengroei, of stedelijke grachten met beperkt doorzicht – blijft chartreuse ook in dieper water uitstekend zichtbaar. Of beter gezegd: chartreuse is in deze omstandigheden aanzienlijk beter zichtbaar dan alle andere kleuren in het spectrum.
Nu wordt het echt interessant: voeg aan deze wetenschappelijk onderbouwde basis van chartreuse nog wat helder oranje toe voor extra contrast en zichtbaarheid, en combineer dit met een sterk contrasterende zwarte tijgerprint die de illusie van beweging en dimensie creëert. Het resultaat? Je hebt een kleurpatroon dat het al tientallen jaren fenomenaal doet in ons kikkerlandje: de alom geprezen fire tiger. Deze combinatie is geen toeval of marketingtruc, maar een perfect voorbeeld van hoe wetenschap en praktijk samenkomen.
De wetenschappelijke verklaring is mooi, maar wat betekent dit concreet voor jou als visser? Als je op pad gaat om snoek en snoekbaars te vangen en je hebt te maken met troebel of ‘donker’ water – wat in Nederland vaker regel dan uitzondering is – dan kun je maar beter een goede fire tiger variant in je tackle box hebben zitten. Het is geen garantie op vis, maar het vergroot je kansen aanzienlijk omdat je aas simpelweg beter vindbaar is voor de roofvissen die je wilt vangen.
Denk bijvoorbeeld aan situaties zoals: vroege ochtend in een polder met beperkt zicht door algenbloei, een gracht in de stad waar de waterkwaliteit wisselend is, een rivier die troebel is door recente regenval, of gewoon dieper water waar het licht sowieso al beperkt doordringt. In al deze scenario’s geeft fire tiger je een voorsprong.
Door de jaren heen heb ik verschillende fire tiger varianten uitgebreid getest in de Amsterdamse wateren, en sommige zijn echte favorietengeworden. Wanneer ik tijdens mijn voorbereiding zie dat het water in Amsterdam weinig doorzicht heeft – wat ik vaak al kan inschatten door het weer van de afgelopen dagen, de tijd van het jaar, of eerdere ervaringen op die locatie – dan ga ik niet van huis zonder mijn beproefde toppers.
Mijn absolute nummer één is de UV Mojito van de Spro Iris Popeye shad in 12 centimeter. ‘UV Mojito’ is natuurlijk gewoon een fancy marketingnaam voor het klassieke fire tiger patroon, maar deze shad heeft bewezen zijn gewicht meer dan waard te zijn. De combinatie van de actie van deze shad met het fire tiger patroon is dodelijk effectief gebleken op zowel snoek als snoekbaars. Het UV-element zorgt er bovendien voor dat de kleuren onder water nog eens extra opvallen, vooral bij weinig licht.
Een andere topkleur van dezelfde shad die ik altijd bij me heb is de UV Brown Chart: een natuurlijk bruin ruggetje gecombineerd met een chartreuse buikje. Deze variant imiteert niet alleen de natuurlijke prooivis beter, maar behoudt door het chartreuse element toch die cruciale zichtbaarheid in troebel water. Het is een perfecte tussenoptie wanneer je net iets subtieler wilt vissen maar toch de voordelen van chartreuse wilt behouden.
Wanneer ik specifiek op snoek vis in de Amsterdamse wateren met troebel water, is de geelgroene 3D River Roach Paddle Tail een absolute topper gebleken. De paddle tail zorgt voor extra vibraties en beweging in het water, wat snoeken van grotere afstand aantrekt, terwijl de geelgroene kleurstelling ervoor zorgt dat ze het aas ook daadwerkelijk kunnen vinden en aanvallen.
Natuurlijk zijn er nog honderden, zo niet duizenden andere goede opties op de markt. Fabrikanten brengen voortdurend nieuwe kleuren en varianten uit, en sommige daarvan zijn zeker het proberen waard. Maar de basis blijft simpel en wetenschappelijk onderbouwd: zolang er maar voldoende geel en groen in je aas zit, vergroot je de kans op succes in troebel water aanzienlijk.
Dit betekent niet dat andere kleuren nutteloos zijn – in helder water of bij specifieke omstandigheden kunnen naturals, wit, zwart of andere kleuren absoluut effectief zijn. Maar wanneer je twijfelt, wanneer het water troebel is, of wanneer je gewoon wilt maximaliseren op zichtbaarheid, dan is de combinatie van geel en groen je beste vriend. Het is de reden waarom fire tiger al decennialang tot de topkleurstellingen behoort en waarom deze kleurencombinatie telkens weer opduikt in de tackle boxes van succesvolle snoek- en snoekbaarsvissers.
De volgende keer dat je je uitrusting klaarmaakt voor een vissessie, kijk dan eens kritisch naar je kunstazen. Heb je voldoende opties met geel en groen? Zo niet, dan weet je nu wat je moet aanschaffen. En als je dan op het water staat en ziet hoe een forse snoek of dikke snoekbaars op je fire tiger aas afkomt, weet je dat dit geen toeval is – het is wetenschap in actie!
Er zijn weinig kleurstellingen in de wereld van kunstaasvissen zo tijdloos populair en effectief als de legendarische ‘fire tiger’. Deze opvallende combinatie van een groene rug, chartreuse flanken en een helder oranje buikje vormt een patroon dat generaties vissers heeft overtuigd.
Weiterlesen: Het Geheim van Fire Tiger: Waarom Snoek en Snoekbaars Gek Zijn Op Deze KleurstellingOm het geheel af te maken zit er vaak ook nog een contrastrijke zwarte tijgerprint op het ruggedeelte. Vooral roofvissen zoals snoek en snoekbaars lijken werkelijk verzot op dit kleurpatroon, maar de vraag die iedere visser zich vroeg of laat stelt is: waarom eigenlijk? Wat maakt deze specifieke combinatie van kleuren zo onweerstaanbaar voor deze predatoren?
Tijdens mijn uitgebreide onderzoek voor mijn boek over roofvisvissen stuitte ik op wetenschappelijk onderzoek dat het mysterie eindelijk ontrafelde. Wat ik ontdekte was zo logisch en overtuigend dat ineens alle puzzelstukjes op hun plaats vielen. Het verklaart niet alleen waarom fire tiger zo succesvol is, maar geeft ook inzicht in hoe we als vissers slimmer kunnen omgaan met kleurkeuze in verschillende visomstandigheden.

Onderzoekers van de gerenommeerde Universiteit van Wisconsin hebben uitgebreid onderzoek gedaan naar de zichtbaarheid van verschillende kleuren onder water. Ze testten systematisch hoe kleuren zich gedragen in zowel helder als troebel water – een cruciaal onderscheid dat het verschil kan maken tussen een succesvolle en een teleurstellende visdag. De resultaten van hun onderzoek waren verrassend en bieden waardevolle inzichten voor iedere roofvisser.
Wat bleek uit het onderzoek? In troebel water, zoals we dat regelmatig aantreffen in Nederlandse wateren, verdwijnen sommige kleuren verbazingwekkend snel uit het zicht. Blauw is al na een paar decimeter praktisch onzichtbaar voor vissen. Deze kleur absorbeert of verliest zijn helderheid zo snel dat hij vrijwel meteen opgaat in de troebele omgeving. Rood presteert ook teleurstellend: op slechts twee meter diepte is deze warme kleur al niet meer herkenbaar voor roofvissen. Dit verklaart waarom veel traditionele rode kunstazen vaak minder effectief zijn in dieper of troebel water.
Maar hier komt het interessante deel: groen en geel gedragen zich compleet anders. Deze kleuren blijven ook nog op een diepte van vier meter goed zichtbaar en herkenbaar – significant dieper en beter dan welke andere kleur dan ook. Deze kleuren penetreren het water beter en behouden hun contrast met de omgeving, zelfs wanneer het doorzicht beperkt is. Voor roofvissen die jagen op zicht betekent dit dat azen in deze kleuren veel langer en vanaf grotere afstanden waarneembaar blijven.
De bevindingen van het Wisconsin-onderzoek verklaren in één klap het jarenlange succes van ‘chartreuse’, een levendige kleur die precies tussen groen en geel in zit. Deze fluorescerende geelgroene tint combineert het beste van beide werelden en maximaliseert daarmee de zichtbaarheid onder de meest uitdagende omstandigheden. Juist in troebel water – denk aan rivieren na regenval, ondiepe polderwateren met veel algengroei, of stedelijke grachten met beperkt doorzicht – blijft chartreuse ook in dieper water uitstekend zichtbaar. Of beter gezegd: chartreuse is in deze omstandigheden aanzienlijk beter zichtbaar dan alle andere kleuren in het spectrum.
Nu wordt het echt interessant: voeg aan deze wetenschappelijk onderbouwde basis van chartreuse nog wat helder oranje toe voor extra contrast en zichtbaarheid, en combineer dit met een sterk contrasterende zwarte tijgerprint die de illusie van beweging en dimensie creëert. Het resultaat? Je hebt een kleurpatroon dat het al tientallen jaren fenomenaal doet in ons kikkerlandje: de alom geprezen fire tiger. Deze combinatie is geen toeval of marketingtruc, maar een perfect voorbeeld van hoe wetenschap en praktijk samenkomen.
De wetenschappelijke verklaring is mooi, maar wat betekent dit concreet voor jou als visser? Als je op pad gaat om snoek en snoekbaars te vangen en je hebt te maken met troebel of ‘donker’ water – wat in Nederland vaker regel dan uitzondering is – dan kun je maar beter een goede fire tiger variant in je tackle box hebben zitten. Het is geen garantie op vis, maar het vergroot je kansen aanzienlijk omdat je aas simpelweg beter vindbaar is voor de roofvissen die je wilt vangen.
Denk bijvoorbeeld aan situaties zoals: vroege ochtend in een polder met beperkt zicht door algenbloei, een gracht in de stad waar de waterkwaliteit wisselend is, een rivier die troebel is door recente regenval, of gewoon dieper water waar het licht sowieso al beperkt doordringt. In al deze scenario’s geeft fire tiger je een voorsprong.
Door de jaren heen heb ik verschillende fire tiger varianten uitgebreid getest in de Amsterdamse wateren, en sommige zijn echte favorietengeworden. Wanneer ik tijdens mijn voorbereiding zie dat het water in Amsterdam weinig doorzicht heeft – wat ik vaak al kan inschatten door het weer van de afgelopen dagen, de tijd van het jaar, of eerdere ervaringen op die locatie – dan ga ik niet van huis zonder mijn beproefde toppers.
Mijn absolute nummer één is de UV Mojito van de Spro Iris Popeye shad in 12 centimeter. ‘UV Mojito’ is natuurlijk gewoon een fancy marketingnaam voor het klassieke fire tiger patroon, maar deze shad heeft bewezen zijn gewicht meer dan waard te zijn. De combinatie van de actie van deze shad met het fire tiger patroon is dodelijk effectief gebleken op zowel snoek als snoekbaars. Het UV-element zorgt er bovendien voor dat de kleuren onder water nog eens extra opvallen, vooral bij weinig licht.
Een andere topkleur van dezelfde shad die ik altijd bij me heb is de UV Brown Chart: een natuurlijk bruin ruggetje gecombineerd met een chartreuse buikje. Deze variant imiteert niet alleen de natuurlijke prooivis beter, maar behoudt door het chartreuse element toch die cruciale zichtbaarheid in troebel water. Het is een perfecte tussenoptie wanneer je net iets subtieler wilt vissen maar toch de voordelen van chartreuse wilt behouden.
Wanneer ik specifiek op snoek vis in de Amsterdamse wateren met troebel water, is de geelgroene 3D River Roach Paddle Tail een absolute topper gebleken. De paddle tail zorgt voor extra vibraties en beweging in het water, wat snoeken van grotere afstand aantrekt, terwijl de geelgroene kleurstelling ervoor zorgt dat ze het aas ook daadwerkelijk kunnen vinden en aanvallen.
Natuurlijk zijn er nog honderden, zo niet duizenden andere goede opties op de markt. Fabrikanten brengen voortdurend nieuwe kleuren en varianten uit, en sommige daarvan zijn zeker het proberen waard. Maar de basis blijft simpel en wetenschappelijk onderbouwd: zolang er maar voldoende geel en groen in je aas zit, vergroot je de kans op succes in troebel water aanzienlijk.
Dit betekent niet dat andere kleuren nutteloos zijn – in helder water of bij specifieke omstandigheden kunnen naturals, wit, zwart of andere kleuren absoluut effectief zijn. Maar wanneer je twijfelt, wanneer het water troebel is, of wanneer je gewoon wilt maximaliseren op zichtbaarheid, dan is de combinatie van geel en groen je beste vriend. Het is de reden waarom fire tiger al decennialang tot de topkleurstellingen behoort en waarom deze kleurencombinatie telkens weer opduikt in de tackle boxes van succesvolle snoek- en snoekbaarsvissers.
De volgende keer dat je je uitrusting klaarmaakt voor een vissessie, kijk dan eens kritisch naar je kunstazen. Heb je voldoende opties met geel en groen? Zo niet, dan weet je nu wat je moet aanschaffen. En als je dan op het water staat en ziet hoe een forse snoek of dikke snoekbaars op je fire tiger aas afkomt, weet je dat dit geen toeval is – het is wetenschap in actie!
De dalende watertemperatuur heeft een grote invloed op de snoekbaarzen in Amsterdam. Ze worden in rap tempo véél passiever en negeren steeds vaker kunstaas dat tot voor kort nog zeer succesvol was. Agressief geviste vib lures worden volledig genegeerd en ook het aantal aanbeten op shads neemt snel af. Tegelijkertijd zie je de vissen langzaam maar zeker dieper water opzoeken. Onderaan het talud, op 8 tot 10 meter, zie je steeds meer signalen. Ondiepere stekken, tot 5 meter diep, worden steeds leger.
Het lijkt dan logisch om je op het diepe water te richten want daar zien we de meeste vis. Dat blijkt een misvatting, want hoewel je geconcentreerde scholen vis ziet liggen, willen ze niet of nauwelijks bijten. Een enkele snoekbaars vergist zich. Maar om nou meer dan een half uur op een aanbeet te gaan wachten, schiet ook niet op. Veel effectiever blijkt het om je op de ‘achterblijvers’ op de ondieptes te richten. Deze vissen zijn blijkbaar nog niet klaar om op het diepe water te overwinteren. Ze moeten nog wat meer eten om de lange maanden goed door te komen. Dat is goed nieuws voor ons, want dan zijn deze snoekbaarzen in ieder geval bereid om ons kunstaas aan te vallen. Tenminste, als je het juiste kunstaas en de juiste techniek kiest.
Afgelopen week hebben we de effectiviteit van verschillende technieken goed kunnen testen. Ik ben vier keer het water op geweest en heb duidelijk gemerkt dat actief geviste shads en vib lures minder effectief worden. En dat terwijl we nog aardig wat signalen van snoekbaarzen los van de bodem konden zien. Deze lijken in ieder geval actief te zijn. De oplossing bleek simpel: overstappen op de dropshot. Door deze zo subtiel mogelijk aan te bieden, probeer je twijfelende snoekbaars over de streep te trekken. Flauwe aanbeten die met de shad steevast worden gemist, kunnen we met de dropshot wél verzilveren.
Zo’n ‘weightless’ aanbieding met de dropshot zorgt ervoor dat de snoekbaars zo’n softbait nét even makkelijker naar binnen zuigt. En dat resulteerde in een overduidelijke overwinning voor de dropshot. Daarmee vingen mijn gasten de laatste sessie 18 snoekbaarzen terwijl ik al verticalend met een shadje op twee vissen bleef steken. De topper van vandaag bleek de Spro Instaworm. Dit is een opvallend grote worm, maar dat blijkt geen probleem gezien de goede vangsten.
Er zijn weinig kleurstellingen zo populair als de ‘fire tiger’: groene rug, chartreuse flanken en een oranje buikje. Om het af te maken zit er vaak ook nog een zwarte tijgerprint op het ruggetje. Vooral snoek en snoekbaars is verzot op dit patroon, maar waarom eigenlijk? Tijdens onderzoek voor mijn boek stuitte ik op het geheim en ineens viel alles op zijn plaats.
Onderzoekers van de Universiteit van Wisconsin hebben onderzocht wat de zichtbaarheid van de verschillende kleuren in zowel helder als troebel water is. Opvallend is dat in troebel water blauw al na een paar decimeter niet meer herkenbaar is en rood kun je op twee meter diepte ook al niet meer herkennen. Groen en geel zijn daarentegen ook nog op een diepte van 4 meter te herkennen; dieper dan elke andere kleur.
Bovenstaande verklaart in één keer het succes van ‘chartreuse’, een kleur tussen groen en geel in. Juist in troebel is chartreuse ook in dieper water nog goed zichtbaar. Of in ieder geval beter zichtbaar dan alle andere kleuren. Voeg er nog wat oranje en een sterk contrasterende zwarte tijgerprint aan toe en je hebt een patroon dat het al tientallen jaren geweldig doet in ons kikkerlandje: fire tiger. Dus ga je achter snoek en snoekbaars aan en heb je te maken met ‘donker’ water, dan kun je maar beter een fire tiger in je tackle box hebben.
Als ik zie dat het water in Amsterdam weinig doorzicht heeft, dan ga ik niet van huis zonder de UV Mojito (fancy naam voor ‘fire tiger’) van de Spro Iris Popeye shad van 12 cm. Een andere topkleur van deze shad is de UV Brown Chart: bruin ruggetje met chartreuse buikje. Ga ik met troebel water achter de snoeken in Amsterdam aan, dan is de geelgroene 3D River Roach Paddle Tail een topper. Natuurlijk zijn er nog honderden andere goede opties, zolang er maar geel en groen in zit!
Meer informatie over het kiezen van de juiste kleur kunstaas lees je op pagina 147 – 150 van ‘Denken als een vis‘.
Petri Heil!
Even een korte maar zeer praktische tip voor de snoekvissers onder ons. Vergeet de wartel en gebruik in plaats daarvan de FG-knoop om je fluocarbon onderlijn aan de gevlochten hoofdlijn te knopen. De voordelen zet ik voor je op een rij:
Petri Heil!
Wil je weten hoe je de FG-knoop maakt? Dat kun je leren op pagina 158 van mijn boek Denken als een vis (alleen in de tweede druk!)
Hoe het precies zit durf ik niet met zekerheid te zeggen, maar vib lures zorgen voor uitstekende snoekbaars vangsten na zonsondergang. Ik raakte bekend met deze ratelende hard baits door roofvis-expert Michel Dekker. Hij liet ze me zien tijdens een masterclass riviervissen voor mijn boek (zie pag 273 – 282 in ‘Denken als een vis‘). Die sessie ving hij er een monsterlijke roofblei mee en sindsdien ben ik een groot fan. Simpel gezegd kun je deze aasjes hetzelfde vissen als een softbait. Dat wil zeggen: inwerpen, laten zakken en dan bij het binnenvissen steeds even naar de bodem laten zakken. Dat is in veruit de meeste gevallen het moment dat de snoekbaars op de viblure op klapt.
De resultaten overdag waren al veelbelovend, maar de laatste maanden hebben we gemerkt dat ze juist na zonsondergang erg goed presteren. Sterker nog: op sommige avonden vang je er vele malen beter op dan met een shadje. Opvallend is dat we er met name de grotere vissen mee vangen. De gemiddelde lengte van de vissen die we met vib lures vangen ligt naar schatting 10 cm hoger. Hoewel ik niet zeker weet waarom ze het juist in het donker goed doen, heb ik wel een paar ideeën.
In de eerste plaats geven deze aasjes – de naam zegt het al – vibraties af. Deze extra prikkels in de vorm van trillingen maken de snoekbaarzen extra opmerkzaam. De keiharde aanbeten zouden best eens een teken kunnen zijn dat ze de vibs vooral uit agressie aanvallen. Een andere mogelijke verklaring van het succes is de relatief grote omvang van deze aasjes. Waar een shadje vaak redelijk dun en lang is, heeft de vib een veel hogere body. Hierdoor kan de snoekbaars het aasje niet alleen beter zien, maar ook beter registreren met zijn zijlijnorgaan. Kortom: het is bijna onmogelijk om zo’n ratelaar onopgemerkt langs een snoekbaars te vissen. Ik laat je tijdens een visdag graag zien hoe je het meeste uit dit bijzondere aasje haalt, want er is nog veel meer over te leren!
Petri Heil!
Traditioneel zijn verticalen en dropshotten de meest populaire manieren om snoekbaars in Amsterdam te vangen. De laatste jaren ben ik erachter gekomen dat diagonalen in veel gevallen minstens zo effectief is. Niet alleen wat aantallen betreft, maar ook het formaat is vaak beter. Hiervoor zijn verschillende verklaringen.
Maar eerst even over diagonalen: wat is dat nou eigenlijk. Het principe is simpel. Je werpt van de boot af, laat je aasje tot de bodem zakken, en vist het dan met sprongetjes over de bodem terug. Je vis nu dus niet recht onder de boot, maar er vanaf. Hierbij staat de lijn niet verticaal in het water, maar diagonaal; vandaar de term ‘diagonalen’. De kracht van deze techniek zit hem in het ‘zweefmoment’: het moment waarop het aasje naar beneden zakt. Hoe langer dit moment, hoe realistischer het er uitziet en hoe groter de kans dat een snoekbaars toeslaat. Daarom gebruik ik zo licht mogelijke jigkoppen, meestal 5 of 7 gram.
Het grote verschil met verticalen (en dropshotten, onder de boot is dat de vissen die je belaagt bij het diagonalen geen visboot boven zich kunnen waarnemen. Daarnaast zullen de vissen ook het signaal van de dieptemeter en het geluid van de elektromotor minder snel opmerken. Door werpend te vissen, maak je de vissen simpelweg veel minder opmerkzaam op je aanwezigheid. Zeker naarmate er meer met boten op een water gevist wordt, gaan vissen een boot vaker met ‘gevaar’ associëren. Dat probleem los je op door te diagonalen.
Daarbij vind ik het persoonlijk leuker om werpend te vissen omdat je actiever bezig bent en de aanbeten vaak net even wat harder zijn. Dit laatste komt ook doordat de snoekbaarzen minder schuw zijn. Ze verwachten niet dat er iets mis is met dat gekke visje dat ze naar binnen willen werken. Dat gezegd hebbende betekent niet dat verticalen en dropshotten onder de boot geen goede manieren kunnen zijn om veel en mooie vissen te vangen. Maar op sommige dagen merk je toch wel een duidelijk verschil. Uiteindelijk is het natuurlijk aan jouw als gast om te bepalen of je wilt verticalen, dropshotten of werpen. Ik laat je graag de verschillen zien!
Petri Heil!
De laatste weken zijn de snoeken overduidelijk aan het bunkeren geslagen. Ze werken aan hun speklaag om de lange koude winter door te komen door flink wat vis naar binnen te werken. Dat merken wij aan de fraaie vangsten van veel en grote snoek. Het mooie is dat ze iedere week weer een beetje zwaarder zijn. We zijn met name succesvol met behoorlijk groot zacht plastic zoals de Spro Shockwave en de River Roach Paddle Tail van Savage Gear. Hiermee werpen de oeverzone af en zoeken zo actief de snoeken op. Dat we ze gevonden hebben wordt elke keer weer duidelijk door een snoeiharde aanbeet. Het grote open water vissen we af met nóg groter kunstaas, waaronder de 32 cm lange Truline River Roach van Savage Gear. Afgelopen weken hebben we iedere visdag meerdere snoeken weten te vangen waarvan de grootste 117 cm lang was.
Petri Heil!
Heel Amsterdam is aan het vissen geslagen, zo lijkt het. Sinds de coronacrisis heeft de Amsterdamse Hengelsportvereniging er 4000 nieuwe leden bij. Dat is bijna een verdubbeling van de groei vergeleken met dezelfde periode vorig jaar.
Iemand die al jaren weet dat Amsterdam de beste visstek van Nederland is, is Juul Steyn. Hij verhuisde ervoor naar de hoofdstad en schreef het boek “Denken als een vis.”
En nu laat hij ons zien, hoe het moet. Vandaag: een moeilijke stek bestaat niet. In Amsterdam kun je overal vis vangen. Zelfs bij de veel te hoge kademuur naast het Scheepvaartmuseum.